Volkslied van Varsselder – Veldhunten

 

 

Bernard van Patent 

 

Tekst: Evert Vossers


 Hebt ge ’t al gehoord, is ’t daag’lijkse woord
 te Varsselder en Veldhunten.
 Een jongling van fatsoen moest naar Arnhem zich spoên
 om daar voor de rechter te verschijnen.


 Refrein:
 Ieder flinke jongen, die onze Anna een kus wil geven
 is te beklagen, want hij krijgt een procesverbaal.


 Wanneer men dan vraagt, wat heeft hij gedaan
 waarom acht men hem strafwaardig.
 Hij had daarin lust en heeft Anna gekust
 hij deed het zoo flink en zoo vaardig.


 Men had erom gewed en er en rondje op gezet
 wie of dat zoude durven wagen. ’t Was Bernard van patent, een plezierige vent
 hij deed het zonder vragen.


 Wanneer men dan vraagt aan elke andere maagd
 “Zeg zou dat zoo vreselijk wezen?”
 Zij roepen dan tesaam: “Had hij het mij maar gedaan,
 hij had dan geen straf te vrezen”.


 Maar Anna van Papier, die houdt niet van plezier
 die wil van dat kussen niets weten.
 Ze deed o zoo dom, want ze schreide er om
 alsof hij haar had gebeten.


 De politie hoorde ’t schandaal en maakte proces-verbaal
 zeer tegen de wil van haar vader. Maar Anna en haar broer, die vonden het zo’n toer
 om dat er maar zo bij te laten.


 En zegt men ook wel, er is een schaapje in het spel
 die de kanonnen heeft horen knallen.
 Maar Bernard die kwam vrij, en we zijn daarom blij
 hij is toch de vriend van ons allen.